Beknopte geschiedenis van de katholieke gemeenschap van Byzantijnse ritus in Maastricht door Sascha Teunissen.


Deel 1
ALGEMEEN OVERZICHT

Voor het ontstaan van de Kerk van de Heilige Geest moeten wij in feite terug naar 1924. In dat jaar heeft Paus Pius XI diverse kloosterordes benaderd met het verzoek priesters en monniken op te leiden voor een taak in Rusland omdat hij bezorgd was voor de gevolgen van de Russische revolutie, die het voortbestaan van iedere vorm van religiositeit probeerde te onderdrukken. Hij dacht dat het atheïstische systeem na verloop van enkele jaren
wel weer zou verdwijnen. Van het idee, om in het Oosters Christendom opgeleide priesters en monniken naar Rusland te sturen, is niet veel terecht gekomen.
Na de tweede wereldoorlog werd het accent gelegd op de verbreiding van de kennis over de Oosterse Kerk in het Westen en de opvang van en zielzorg voor de duizenden mensen van Russische en Oekraïense afkomst, die van huis en haard verdreven waren. Het waren veelal jonge vrouwen die, bevrijd uit de Duitse werkkampen, bang waren om naar hun land terug te keren en die in Nederland terecht gekomen waren.

In Nederland werd o.a. aan de orde van de Paters Kapucijnen gevraagd de pastorale zorg voor de Russische en Oekraïense vluchtelingen en de verzorging van de Slavisch Byzantijnse kerkdiensten op zich te nemen. Hiertoe werd het klooster Pokrof in Voorburg gesticht. Vanuit dit centrum zijn in de loop der jaren een aantal gemeenschappen ontstaan, elk met een eigen koor.

Tot 1965 celebreerde pater Micheas, overste van Pokrof, met enige regelmaat in Heerlen, Meezenbroek. Na een liturgieviering, medio 1965, in de kapel van het zusterklooster aan de St. Maartenspoort (nu: Kumulus, centrum voor de Kunsten) kwamen wij in contact met enkele mensen uit Maastricht, die behoorden tot een groep die de behoefte had om samen zingend te bidden. Zij vormden op gegeven Nederlandse teksten melodieën naar het voorbeeld van de Slavisch-Byzantijnse kerkmuziek. Zo ontstonden de eerste gezongen gebeden. Deze werden voor het eerst in 1965 gezongen bij de doop van een van de kinderen. Hieruit is een geheel Nederlandstalig gezongen eucharistieviering ontstaan.

Uit het gesprek dat wij na deze liturgieviering hadden, bleek er interesse te bestaan in het zingen en vieren van de Slavisch-Byzantijnse liturgie. Zodoende werd in oktober 1965 onder mijn leiding gestart met het instuderen van de gezangen. Het Maastrichts Slavisch Koor was geboren.

001 micheas 196623-10-1966 Pater Micheas voor de iconostase in de Cellebroederskapel.

 

Op 23 oktober 1966 vierden wij de eerste Liturgie in de Cellebroederskapel, alwaar wij ons eerste onderkomen hadden gevonden.
Daags tevoren was deze kapel, na een grondige renovatie, opnieuw ingewijd door Mgr. K. Roncken, pastoor-deken van de St. Servaas, in aanwezigheid van een aantal hoogwaardigheidsbekleders w.o. de commissaris van de koningin, dr. Ch. Van Rooy en de burgemeester van Maastricht, W. baron Michiels van Kessenich.002 cellebroeders 1966

Voor ons werd het nachtwerk om alles tijdig in orde te hebben voor de liturgieviering van zondagmorgen. Maar we kregen het voor elkaar. Wij hadden daar een iconostase gemaakt, die bestond uit een houten raamwerk, waarop gordijnen werden gehangen. Daarop kwamen dan weer de iconen. Elke keer, voor de liturgie, moesten wij deze iconostase opbouwen en na de liturgie weer afbreken. Alles moest twee trappen omhoog om op een zolder opgeslagen te worden.003 repetitie st. pieter 1968

Het koor omstreeks 1968

Het was telkens een hele klus. Vandaar dat de zoektocht naar een permanente ruimte doorging. In 1972 kwam ik in contact met Prof. Dr. G. van der Plaats van het medisch centrum AMI aan de Kesselskade / Mariastraat. Tot het complex behoorde een kapel die een enkele keer per jaar gebruikt werd door de St. Vincentiusvereniging. Na wat onderhandelen, mochten wij gebruik maken van deze kapel en konden wij zelfs de iconostase laten staan.

004 kesselskade 1972

Er was echter veel te doen voordat wij een liturgie konden vieren. Er was bijvoorbeeld geen behoorlijke ingang meer. Die moest dus gemaakt worden. Door daklekkages was het zo vochtig dat de paddestoelen aan de gewelven groeiden.005 kesselskade herstel 1972

Het schilderwerk was door het vocht eveneens ernstig aangetast. In november 1972 begonnen wij met de werkzaamheden. Als eerste werd een ingang gemaakt zodat wij een hoge rolsteiger naar binnen konden brengen om bij de gewelven te komen.

Met vereende krachten hebben we de zaak in orde gekregen en op zondag 29 juli 1973 vierden wij in “onze” kapel de eerste liturgie.006 kerkbericht 1973

De iconostase was dezelfde als in de Cellebroederskapel, maar nu kon hij blijven staan en wij konden de ruimte naar eigen believen inrichten. Dat was een verademing.
Regelmatig gingen er stemmen op om de “provisorische” iconostase te vervangen door een iconostase met echt geschilderde iconen in plaats van reproducties. De financiële middelen ontbraken daarvoor en het plan werd steeds maar weer verschoven.
Om alles wat ‘officiëler’ aan te kunnen pakken ontstond het idee om van het koor een vereniging te maken. Op 28 mei 1980 passeerde bij notaris Smeets de akte van oprichting van de Vereniging Maastrichts Slavisch Koor. Door allerhande problemen in de tweede helft van de tachtiger jaren heeft het toch nog tot 1991 geduurd, onder voorzitterschap van Ferd Timmermans en in de aanloop naar het 25-jarig bestaan, dat het plan werd opgevat om gelden te gaan inzamelen voor een permanente iconostase. Dat zou, als het lukte, ons jubileumcadeau worden. Het was een mega-klus, maar het lukte! Er kwam een iconostase-werkgroep die met de voorbereiding begon. Het resultaat was dat in februari en maart 1994 het raamwerk van de iconostase gebouwd kon worden. Op 10 december van dat jaar, bij het huwelijk van Angelique Teunissen en Frans Hondmann zaten de eerste iconen, geschilderd door priester Jos Opdebeeck uit het Belgische Geel, op hun plaats. In de jaren daarop volgend kwamen er regelmatig nieuwe iconen bij en in 2001 zijn de laatste panelen geplaatst.

007 kesselskade iconostase 1994

Als gevolg van een herstructurering van het Oosters Werk van de paters kapucijnen ontstond de Landelijke Instelling Pokrof, een overkoepelend organisatorisch orgaan voor alle Pokrof-gemeenschappen in Nederland.
Op 12 december 1995 kwam de goedkeuring van de Nederlandse Bisschoppenconferentie. Dit had tot gevolg dat de diverse Pokrof-gemeenschappen in het land eveneens omgevormd werden tot officiële kerkelijke gemeenschappen. In Maastricht gebeurde dit in 1996. Op 23 mei 1996 kregen wij het decreet met de goedkeuring van de bisschop van Roermond Mgr. Frans Wiertz en op 30 december passeerde de akte bij notaris J. Ruyters te Maastricht. Het Maastrichts Slavisch Koor kreeg een nieuwe naam:

Kerk van de Heilige Geest.

008 decreet bisschop 1996

Langzaam kwamen er donkere wolken boven de kapel aan de Kesselskade. De St. Vincentiusvereniging, eigenaar van de kapel, ging het gebouw verkopen. Het gevolg was dat wij een andere locatie moesten zoeken. Op 16 juni 2002 vierden wij de laatste liturgie in de kapel aan de Kesselskade, waarheen in de loop der jaren zovelen de weg hadden gevonden. Liefdevol werden wij opgevangen door de Priesters van het Heilig Hart van Jezus in Huize St. Gerlach in Cadier en Keer. De iconostase konden wij hier niet opbouwen, wel opslaan. Voor elke liturgie plaatsten wij enkele iconen om het idee van een iconostase te hebben. Ook hier zou ons verblijf maar tijdelijk kunnen zijn omdat het klooster binnen een aantal jaren gesloten zou worden. Van 15 september 2002 tot en met 17 oktober 2004 kwam de gemeenschap hier bij elkaar om de liturgie te vieren. In die tijd moesten wij blijven zoeken. Dit zoeken resulteerde uiteindelijk in de plek waar wij met ingang van14 november 2004 onze diensten vierden: de kapel van Zorgcentrum Vivre in Amby. De iconostase stond hier weer in volle glorie of zoals Jos Opdebeeck, de schepper van de iconen, het uitdrukte: “In de kapel aan de Kesselskade stond de iconostase mono, maar hier staat hij in stereo!” De wens dat het een duurzaam verblijf mocht zijn, kwam ook hier niet uit(wordt vervolgd)

Vervolg: Nederlandse & Byzantijnse vieringen